podium deAftrap Gent Kouter 221019

Jean Paul Van Bendegem: ik meen dat wanhoop ongegrond is

Op woensdag 19 oktober verzamelde de Gentse achterban van de Grootouders zich op de Kouter in Gent voor deAftrap voor meer klimaatambitie. Behalve muziek, jongeren, de fietsers van Trappen voor het Klimaat, het engagement van de cultuursector en getuigenissen van jongeren, kwamen onder meer 9 ambassadeurs op het podium. Onder hen filosoof Jean Paul Van Bendegem, van wie we de tekst hier publiceren.


Jean Paul Van Bendegem op deAftrap (Kouter Gent, 19 oktober 2022)
(c) Robert Huygens

Het zijn verwarrende tijden, dat is het minste wat een mens kan zeggen. En verwarring leidt gemakkelijk tot angst, tot niet meer weten, tot afsluiten, tot wegkruipen tot… vult u maar zelf aan. Wat ermee samengaat, en dat kennen we allemaal, is de litanie, de klaagzang en de weeklacht. Ik twijfel er niet aan dat u allemaal weet hoe zoiets klinkt! “Ja, ’t is om zeep, ik begrijp er allemaal niets meer van, maar let op, ’t zal ook maar mijnen tijd duren en straks mogen jullie dat zelf oplossen, ik trek het mij niet meer aan, kijk, eh, ’t moest ne keer gebeuren, dat kon toch niet blijven duren, weest eerlijk!”, enzovoorts, enzoverder. Ik wil zelfs niet eens uitsluiten dat het voor de klager zelfs enige rust kan brengen. Uiteindelijk bent u niet meer betrokken, het gaat allemaal over u heen. U bent uit de race gestapt en u bent zelfs niet meer geïnteresseerd om langs de zijlijn toe te kijken. En ik hoor het u al denken, ja, amai, dat moest hier een positieve speech worden om iedereen aan te moedigen, om elkaar duidelijk te maken dat we goed bezig zijn en dan krijgen we dit. Mijn excuses daarvoor maar ik had deze zwartdenker nodig om tot mijn verhaal te kunnen komen.

Want ik heb – en ik hoop uiteraard jullie ook – een fundamenteel probleem met deze zwartdenker. Hij of zij doet mij denken aan de zwartrijder: door het feit dat alle anderen betalen (omdat ze beseffen dat dat nodig is), daarmee de boel draaiende houden en laten functioneren, kan de zwartrijder genieten van een gratis rit. Ik ben geneigd te zeggen: het weze zo, het gaat mij om die anderen. Zij die het argument op hun kop zetten. Wat bedoel ik? Eigenlijk alleen maar dit: als het inderdaad verwarrende, zorgwekkende tijden zijn – en ik ga dat niet tegenspreken – dan moeten we leren omgaan met onzekerheid en onwetendheid. Het defaitisme is één manier om dat te doen maar het kan ook actiever, veel actiever.

Een metafoor! Je loopt rond in een dorp, gemeente of stad die je niet kent. Binnen de kortste keren ben je hopeloos verdwaald en nu kan je ofwel de hele wereld vervloeken en naar de hel wensen ofwel kan je doodgewoon aan iemand de weg vragen. Meestal werkt dat vrij goed. Maar je moet wel opletten, je hebt geen garantie dat wat die mens jou vertelt echt wel betrouwbaar is – “Oh, t’es wree gemakkelijk, altijd rechtendeure en op ’t juiste moment naar rechts en daar moede nog ne keer vragen” – en dus moet ge het risico maar nemen. Beter nog is als die mens zegt dat hij of zij dezelfde richting uitloopt. Op zijn minst weet ge nu al dat ge alle twee daar graag wilt aankomen. Loopt ge nu alle twee verloren, vraag het nog een keer. Toegegeven, ge loopt nu het risico dat ge met te veel zijt en dat er continu geruzied wordt over de juiste weg maar vaak is het dan genoeg om te roepen dat we onderweg zijn en nog een lange weg af te leggen hebben en dat ge ook onderweg kunt discuteren en debatteren.

Aan de hand van dit voorbeeld kan ik meteen tot de hamvraag komen: als we spreken over het klimaat en de klimaatverandering, wie loopt er allemaal mee? Het antwoord ligt voor de hand: iedereen natuurlijk, want het klimaat is onverbiddelijk en maakt geen onderscheid tussen evenaar en pool, tussen oerwoud en woestijn, tussen megapolis en dorp, tussen mens, dier en plant, tussen een bloem in het veld en de Mona Lisa in het Louvre. Maar – en nu spreekt de filosoof – wat verstaan we precies onder “iedereen”? Het voor de hand liggende antwoord, namelijk iedereen die er is, is niet goed. Uiteraard in ieder geval zij ook. Maar niet alleen hen, we moeten ruimer kijken en ook oog hebben voor allen die er nog niet zijn. Niet alleen de ouderen, de volwassenen en de jongeren maar ook de kinderen die er nog bij zullen komen. We moeten spreken over alle generaties die er zijn en alle generaties die nog zullen komen. Dat is geen geringe opdracht, zeker niet. Een eerste belangrijke aanzet wordt gegeven door Grootouders voor het Klimaat. De oudste en de jongste generatie ontmoeten elkaar en delen elkaars zorgen. Als ik een beetje stout mag zijn dan nemen senioren en junioren – of, zoals ik ze graag omschrijf, de eerste en de tweede pubers – de volwassenen in de tang. Zo moeten ze wel naar ons luisteren want in welke richting ze ook kijken, ofwel zien ze een doorleefd, ouder en wijzer gezicht ofwel een jeugdig, fris en uitdagend gezicht. De vraag die op alle gezichten te lezen valt, is niet alleen de vraag “En, wat denken jullie eraan te doen?”, maar meer nog de vraag “En wij, wat kunnen we eraan doen?”.

Een bijkomende uitdaging is dat er naar senioren en junioren weinig en al te vaak niet wordt geluisterd. De jongeren worden opzij geschoven met een hele reeks curieuze argumenten, genre “Leer maar eerst een vak en zie dan wat je kan doen” of “Als we nu ook al kinderen mee laten beslissen, waar zal dat eindigen?” of het paternalistische “Wees content dat ge zo vrij zijt om te mogen spreken, vinden uw ouders dat ook?”. Maar aan de kant van de senioren is het niet veel beter. Daar weerklinken de woorden “Zoudt ge niet beter wat genieten van uwen oude dag?” of “Ben je niet wat te oud om op de barricaden te gaan staan, gesteld dat ge er nog op geraakt?” of het al even paternalistische “Zoudt ge niet beter uw kleinkinders wat in het gareel houden?” Maar eerlijk, deze manier van denken kan evengoed een enorm voordeel zijn: plots weerklinken stemmen die men nog niet voldoende had gehoord en doorgaans klinken die sterker. Dat klinkt allemaal ongelofelijk hoopgevend en het geeft een totale nieuwe invulling aan de slogan indertijd van het weekblad Kuifje dat bedoeld was voor lezers van 7 tot 77.

Sta mij toe om heel even erg filosofisch en ernstig te worden en het beeld op te roepen van de Franse filosoof Blaise Pascal, uitgedrukt in de prachtige woorden: “Vous êtes embarqués”. We zitten tezamen allemaal op dezelfde boot op volle zee. Het is bovendien een zee die woeliger en woeliger wordt, daar had Pascal vermoedelijk niet op gerekend. Bij momenten en steeds frequenter stormachtig en meer. Droom niet meer van een droogdok waar je rustig en in alle kalmte het schip kunt bestuderen en repareren want dat is er nooit geweest. We zijn met andere woorden verplicht om onderweg met zijn allen een koers uit te zetten. En het is een schip dat niet door één kapitein wordt bestuurd maar door alle opvarenden die, bij momenten helaas, allemaal iets te zeggen hebben. Zo’n democratisch bestuurd schip zal vele richtingen uitgaan, daar moeten we niet aan twijfelen. Vaak zal het uitproberen zijn, een keer naar die kant, een keer naar een andere kant. We houden er best rekening mee dat een aantal onder ons licht wanhopig worden en denken dat dit nooit meer goed komt zoals de reeds vermelde zwartdenker.

Wie door zulke twijfels geplaagd wordt, wil ik graag een kleine geruststellende gedachte meegeven. Akkoord, vele probeersels zullen op niets uitdraaien maar af en toe komt er iemand met een idee en op een of andere manier verdrinkt het niet in de massa maar blijft het drijven en heeft het impact en brengt het ons een stukje in de goede richting. Wanneer dat gebeurt voelen we ons allemaal weer even gesterkt en houden we vol. Laten we ons geen illusies maken, gemakkelijk zal het niet zijn, maar Pascal zij het al, we hebben geen keus, we zijn ingescheept en zoeken de beste koers.

Maar ik hoor het u denken: wie “koers bepalen” zegt, zegt toch kaarten die ons kunnen helpen. Als het tenminste betrouwbare kaarten zijn. En hoe zouden we dat kunnen weten? Een mogelijkheid is dat ze gemaakt zijn door mensen met kennis, mensen die weten waarover ze spreken. Jawel, ik heb het over wetenschappers in alle geuren, kleuren en formaten denkbaar. En ja, we moeten er rekening mee houden dat er rondlopen die de waarachtigheid en bruikbaarheid van de kaarten in twijfel zullen trekken en beweren dat de kaarten door aliens, de FBI of de zombies gemaakt zijn om ons op een dwaalspoor te brengen. Niet zozeer zwartdenkers maar eerder kromdenkers. Maar de meesten onder ons slagen er gelukkig wel in om een degelijke, bruikbare kaart te onderscheiden van vele nepkaarten. En natuurlijk zijn die kaartontwerpers verplicht om de kaarten op vaste basis bij te stellen, aan te passen en te verbeteren om een betere vaart te garanderen. En bijna continu moeten ze zich verantwoorden dat die kaarten wel degelijk degelijk zijn en bruikbaar. Maar ook zij merken al te vaak dat de soms te talrijke kapiteins en hun vertegenwoordigers aan het roer niet altijd geneigd zijn om te luisteren naar de wetenschappers en dat maakt het allemaal nog een graad moeilijker.

Ben ik nu toch niet genoeg redenen aan het opsommen om wanhopig te worden? Hoe zou uit al dat tumult iets tevoorschijn kunnen komen dat ons allemaal vooruit kan helpen? Ik meen oprecht dat die wanhoop ongegrond is want we hebben nog lang niet alles uitgeprobeerd. Vandaag, hier op de Kouter, heeft er een kleine manifestatie plaats van grootouders voor het klimaat. Op zich een kleine gebeurtenis maar ingepast in het geheel misschien wel het moment dat historici later zullen uitleggen als het sleutelmoment waarop de klimaatbeweging een grote stap voorwaarts heeft gezet. En, mocht het dan niet zo blijken te zijn, geen probleem, op naar de volgende poging. Jong en oud tezamen, ongebreideld niet te temmen enthousiasme en doordachte wijsheid tezamen, over tijd en ruimte heen, gewapend met de beste kennis beschikbaar, als je dat hoort, weet ge toch dat we goed zitten. Of, om in de klanken van mijn thuisstad te spreken: “Goe bezig!”.

Jean Paul Van Bendegem, 19 oktober 2022


illustraties: © GvK, eigen foto’s

Reactie toevoegen

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met * .

1 × twee =