DSC00666-Afb-2-AA

Grootouders en kleinkinderen op plastickeuteljacht

Onze Nederlandse taal is heel dynamisch en adopteert elk jaar honderden zo niet duizenden nieuwe woorden. Als het van de Grootouders afhangt die vorige zaterdag langs de Scheldeoevers naar ‘plastickeutels’ gingen zoeken, moet het woord ‘plastickeuteljacht’ zeker de volgende editie van de Dikke van Dale halen. Een plastickeuteljacht is een ervaring die iedereen eens moet meemaken. Zeker wie ooit twijfelt aan de dringende nood tot krachtdadiger milieuactie raden we een plastickeuteljacht aan als doeltreffend medicijn.

Waarom moet iedereen bij voorkeur dan eens op plastickeuteljacht gaan? De tien grootouders en drie kleinkinderen die meededen aan de jacht waren erg eenstemmig in hun gevoelens: ze waren geschokt, in eerste instantie zelfs ontredderd, bekeken elkaar vol ongeloof, vroegen zich samen af hoe zoiets nog mogelijk kan zijn in deze tijd. Eigenlijk waren we niet ‘op jacht’, want ‘jacht’ roept kwaliteiten op zoals snelheid, inspanning en overleg, waarbij de opgejaagde prooi steeds een kans tot ontsnappen heeft. Voor Plato moest de jacht het beste in de mens los maken: beweeglijkheid, concentratievermogen en dapperheid.

Dat soort ‘jacht’-kwaliteiten hadden we echt niet nodig bij onze plastickeuteljacht. Een korte briefing door onze begeleider was voldoende om ons gericht en zonder enige moeite de plastickeutels te vinden tussen de brede waaier afval die het Scheldewater door het getijdeneffect aan de oevers afzet.

Onze actie was onderdeel van een wetenschappelijk onderbouwd en ondersteund initiatief, een ‘citizen science’ project waarbij onderzoekers en burgers samenwerken. We namen stalen op verschillende plekken, telkens in een vierkant van 25×25 cm en vulden met een handschopje per vierkant één of meerdere confituurpotjes. Zondag werden alvast de pellets uit één bokaaltje geteld: meer dan 800 plastickeutels (in het Engels ook plastic pellets of plastic nurdles genoemd, met een doorsnede kleiner dan 5 mm), zowel oude als recent aangespoelde, zaten er in het potje.

Verder was het professionele filmteam van Off the Fence (bekend van o.a. de prachtige documentaire “My Octopus Teacher”) ter plekke om heel het gebeuren op een gevoelige plaat (what’s in a word) vast te leggen. Onze actie wordt zo onderdeel van een documentaire die, als alles goed gaat, in het najaar uitkomt en waarover we jullie natuurlijk zullen berichten.

Wat we op onze onderzoeksplek vonden, is slechts een kleine illustratie van een mondiale ontwikkeling die nog elke dag onverminderd doorgaat. Niet alleen zijn de keutels te vinden op de plek waar wij met onze schopjes ijverig bezig waren, ze worden nog 125 km verder stroomafwaarts op de oevers achtergelaten, tot aan de Scheldemonding en ver daar voorbij. De microplastics die op de oever aanspoelen zijn slechts een kleine fractie van de enorme hoeveelheid keutels die de Schelde naar de open zee vervoert. En de Schelde is slechts één rivier naast vele andere waarover we hetzelfde verhaal kunnen vertellen. In 2019 bedroeg het aantal microplastics aan het oceaanoppervlak volgens de Plastic Soup Foundation, tussen de 15 en 51 triljoen (het cijfer 51 gevolgd door 18 nullen).

Onderweg en in de oceaan veroorzaken de microplastics aanzienlijke ecologische schade – vogels aanzien ze als voedsel en gaan dood. Ook vissen eten ze op waardoor de microplastics in de voedselketen terecht komen. Hierbij nemen ze ook de toxische chemicaliën op die vaak op de plastickeutels terug te vinden zijn. De meeste microplastics verspreiden zich in de oceaan en blijven wellicht nog eeuwen ronddrijven. Vele wetenschappers stellen dat het hier om een probleem gaat dat nog onvoldoende in kaart is gebracht en waarvan de negatieve effecten waarschijnlijk worden onderschat.

Waar komt die vervuiling in onze Schelde dan vandaan? De microplastics worden gemaakt uit fossiele grondstoffen en zijn de grondstof voor de aanmaak van allerhande plasticproducten door de chemische industrie in de Antwerpse haven. Ze worden via containers over de Schelde of met vrachtwagens afgevoerd. De overslag en het transport gebeurt echter dermate onzorgvuldig dat een aanzienlijk aantal keutels op verschillende plekken in de productieketen ‘ontsnappen’. Is dat dan onvermijdelijk? Natuurlijk niet, de vervuiling tegengaan vraagt alleen meer inspanning (lees: extra kosten) van de betrokken bedrijven, een inspanning die ze niet bereid zijn te ondernemen want niemand spreekt hen hier echt op aan. ‘De vervuiler betaalt’ blijft ook hier een loze kreet. Dat er dan niet of nauwelijks gesproken over het opruimen van de vervuiling, in het Scheldebekken en wereldwijd, baart dan ook geen verwondering.

Aan het einde van onze keuteljacht namen in onze grootoudergroep de verontwaardiging en strijdbaarheid de bovenhand: dit mogen we zo niet laten, samen met andere actiegroepen in de haven moeten we aan dit ecologisch wangedrag zo snel mogelijk een einde maken. En zo leverden als grootouders een boeiende bijdrage aan de VN-dag van de Oceaan. Op die dag (8 juni) vraagt men elk jaar wereldwijd aandacht voor de gezondheid van de oceaan en daarmee ook de gezondheid van ons en onze kinderen en kleinkinderen.

Links naar enkele artikels:

Het lek van de plasticindustrie bergen korrels op het strand

Duizenden plastic bolletjes aangespoeld op strand

Bekijk ook de website van Plastic Soup Foundation


Eens voluit op plastickeuteljacht gaan werkt ongelooflijk sensibiliserend. Een ploeg Grootouders en kleinkinderen probeerden het uit. Hier hun relaas!

Ook keutelverzamelaarster Denise Puttaert maakte een impressie van de middag. Je vindt haar bijdrage hier.

Reactie toevoegen

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met * .

19 + 1 =