016

Klimaatprobleem niet zomaar een milieuprobleem

Willy De Weirdt, bestuurslid van Grootouders voor het Klimaat, weet het zeker: het klimaatprobleem is van een heel andere orde dan de zure regen of het gat in de ozonlaag. Waarom? Lees zijn bijdrage hieronder en geef gerust je mening bij ‘reacties’.

Het klimaatprobleem is géén milieuprobleem!

Alleen maar verbaasde blikken oogst ik met deze uitspraak, zowel van jong als van oud. Verbazing in twee soorten. Bij de spijbelende scholieren: lichte aarzeling. En ze halen niet begrijpend de schouders op en stappen verder. ‘Natuurlijk niet. So what?’ Maar: vele geëngageerde volwassenen en ouderen wenden de blik af. Ruik ik hier zelfs plaatsvervangende schaamte? Anderen komen mij van een beetje dichterbij bemonsteren. Twijfelen ze aan mijn  verstandelijke vermogens? Stellen ze zich vragen over mijn ware bedoelingen? ‘Hoe kan je nu zo iets zeggen? Dit is toch net wèl het grootste milieuprobleem aller tijden.’

Nu wil het geval dat er toch een paar volwassenen zijn die in de debatten op onze schermen geen gelegenheid laten voorbij gaan om het klimaatprobleem uitdrukkelijk wel als een milieuprobleem te benoemen. ‘Elke tijd heeft zijn eigen milieuproblemen. Toen ik jong was heb ik ook betoogd tegen {vul in:} de zure regen, het gat in de ozonlaag, etc…’

De debatfiche moet ongeveer als volgt zijn: “gooi het klimaat op de hoop van milieuproblemen – vernoem bij voorkeur zure regen en het gat in de ozonlaag. Dit brengt de positieve boodschap dat het net zoals de andere milieuproblemen goed oplosbaar zal zijn.  Het brengt geruststelling en verhoogt het vertrouwen in de boodschapper.” Tenslotte heeft elk van ons een beperkte ‘poel van zorgen’ die eerst gevuld wordt met de zorgen van het dagelijks leven. De deadlines of ander gepieker over de job, de kinderen, het einde van de maand halen, de gezondheid, enzovoort. Meestal is de zorgenpoel daarmee al gevuld, of bijna toch. En moet ik mij nu op de koop toe ook nog zorgen maken over het klimaat, en misschien mijn levenswijze aanpassen? Oef. Nee hoor! Want doorheen het krakeel van het debat hoorde ik het reddende belletje rinkelen: het is wéér zo iets als die andere kwesties die vroeger als grote rampspoed aangekondigd werden maar die we tenslotte toch maar goed overleefd hebben, nietwaar?

Een ex judoka coach was eerst nog verder gegaan. ‘Het is een klimaatreligie geworden. Zie maar eens naar al die alarmistische kreten van vroeger, die onze jeugd niet meegemaakt heeft. We zouden er aan gaan door het gat in de ozonlaag. Onze bossen zouden verdwijnen door de zure regen. En zie nu maar: niets meer aan de hand. Pure paniekzaaierij was dat, met een duidelijke achterliggende agenda. En zie, nu zijn ze weer bezig, die groenen, en onze jeugd trapt er weer in.’

Op dat moment was de debatfiche waarschijnlijk nog niet klaar, en was het wellicht een authentieke, spontane verzuchting van iemand die ook niet de moeite had genomen om de kwestie een beetje te bestuderen. Want het komt beter uit om over andere kwesties bezorgd te zijn. De echte mentale judokunst kwam pas later, met die debatfiche uit het handboek over de ‘juiste’ klimaatframes.  En oh wat een binnenpret: geen groene die er tegen zal protesteren!

En daarbij:‘ Wij zijn ook jong geweest’ is een slimme poging om voor de jongeren schijnbaar begripvol sympathiserend te zijn,  en tegelijkertijd naar de ouderen toe een inclusieve boodschap van superioriteit door ervaring mee te geven. 

Maar de jongeren snappen blijkbaar toch al iets meer van geschiedenis. Zij begrijpen dat de fossiele brandstoffen onze samenlevingen draaiend houden. Zoals vroeger bij de Grieken en de Romeinen – en tot voor een paar eeuwen – de samenlevingen draaiden op slaven, bezette volkeren, bezette bodems, windkracht, en een beetje dierkracht met paarden en ossen en kamelen.  En dat we nu moeten stoppen met die fossiele brandstoffen. Anders is het dunne laagje atmosfeer van onze enige planeet om zeep. Terwijl slavernij niet meer mag, er bijna geen trekpaarden en kamelen meer zijn, en de verkopers van fossiele brandstoffen en al wie er wel bij varen in hun wiek geschoten zijn. De jongeren hebben door dat er flinke ruzie kan van komen, en vragen ons om het samen op te lossen.

Beste volwassenen en ouderen: het is misschien een goede vuistregel, dat ervaring waardevol is. Maar hier is onze ervaring als onze eigen schaduw die ons een goed zicht ontneemt op het bergpad dat voor ons ligt. In het halfdonker lijkt het misschien een beetje op bergpaden die we vroeger namen, maar dit is iets van een totaal ander kaliber.

Reactie toevoegen

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met * .

10 − 9 =